Boete kinderopvang

De Wet kinderopvang beoogt de combinatie arbeid en zorg te vergemakkelijken en zaken zoals (pedagogische) kwaliteit van de kinderopvang en betrokkenheid van ouders via medezeggenschap te waarborgen. De GGD houdt toezicht op de kinderdagverblijven. Gemeenten kunnen vervolgens naar aanleiding hiervan handhavend optreden.

Soevereign Advocatuur biedt advies en ondersteuning bij:

  • handhaving zoals oplegging bestuurlijke boete of exploitatieverbod bij het niet hebben van een Verklaring Omtrent het Gedrag (VOG) voor medewerkers of een onjuist aantal begeleiders per kind.
  • bezwaar- en beroepsprocedures

Soevereign Advocatuur biedt ondersteuning aan kinderopvangorganisaties en gemeenten bij de handhaving van de wet. Bij gemeenten gaat het met name om het opstellen van beleid en de inzet van handhavingsmiddelen. Bij kinderopvangorganisaties gaat het met name om advies en bijstand bij handhavingsmaatregelen en begeleiding in bezwaar- en beroepsprocedures.

Contact
Heeft u vragen of behoefte aan persoonlijk advies? Neem dan direct contact op via 06-44020046 of e-mail.

Boete Wav – Werkgever opgelet

De boetes die overheden opleggen kunnen zeer fors zijn. Zo ook bij de uitvoering van werkzaamheden door “illegale” werknemers. Per werknemer wordt een afzonderlijke boete opgelegd. In de rechtspraak wordt dit niet onredelijke geacht. Ingevolge artikel 18b, tweede lid, aanhef en onder a, van de Wml rust op de werkgever de plicht om desgevraagd aan de toezichthouder een opgave als bedoeld in artikel 626 van Boek 7 van het Burgerlijk Wetboek, dan wel andere bescheiden waaruit de in dat artikel voorgeschreven gegevens blijken, te verstrekken. Deze verplichting geldt per werknemer en bij overtreding kan voor iedere werknemer aan de werkgever een boete worden opgelegd. Dit is ook in artikel 8 van de Beleidsregel Wml neergelegd. Volgens vaste rechtspraak worden de bepalingen uit de Beleidsregel Wml die ertoe strekken dat voor iedere werknemer die het betreft een maximale boete wordt opgelegd, niet onredelijk geacht. Zie bijvoorbeeld de uitspraken van 27 januari 2021, ECLI:NL:RVS:2021:170, en 7 februari 2018, ECLI:NL:RVS:2018:403. Wordt u hiermee geconfronteerd? Neem contact op voor een vrijblijvend kennismakingsgesprek.